Over kannibalen en andere Steppers

Over kannibalen en andere Steppers

  Lidewy

Lidewy heeft, naast haar liefde voor bridge, nóg een passie: de limerick. De bridgewereld is voor haar een grote bron van inspiratie. Zo is Lidewy bijna dagelijks te vinden op StepBridge. Haar observaties schildert ze in vijfregelige versjes:

Een haastige Stepper uit Drachten,
was beter in spelen dan wachten.
"Jouw beurt, stomme oen!
Wat ben je aan 't doen?"
Nu krijgt hij geen impen, maar klachten.

Een macho, geboren in Groede,
wil zijn partner voor down gaan behoeden.
Dus zegt hij pardoes
"Klaverheer, lieve snoes".
Dat is op Step teveel van het goede.

Een bridgende leraar uit Emmen,
was dol op gedubbelde slemmen.
Hij leerde een ieder:
Dubbel die bieder!
En trap liever nooit op de remmen.

Een genie uit het mooie Rijnweren,
kon het tij van een degra niet keren.
Elk zitsel was rot,
elk slem ging kapot.
Spelen wil hij alleen nog met heren.

Deze komt uit de praktijk. Het betreft spel 5798 uit de butler:



Een koppel van twee kannibalen,
dacht supergewin te behalen.  
Vijf harten doublet?
Een "re" leek hen vet,
maar min eenentwintig was balen!  

Lidewy leest met veel plezier Bridge, het orgaan van de Nederlandse Bridge Bond. Ze is overigens van mening dat StepBridge daar best wat meer aandacht zou mogen krijgen, maar dat terzijde. Bladerend door het bondsblad noopte Lidewy tot meer composities:  

Van Reenen, de captain der vrouwen,
verkondigt zijn grote vertrouwen.
Hij houdt van zijn meiden,
wil ze graag leiden.
Stel dat hij zijn keus gaat berouwen?

Een dame, Vrouw Chorus uit Leiden,
wil té veel systemen vermijden.
"Houd het bij eenvoud,"
sprak zij heel ijskoud.
"Dat zal u en uw partner verblijden."

Tot slot een plaagstootje naar Stepuitvinder Epko, die van elke malle verdeling en van elk moeilijk spel de schuld krijgt:

Heer Epko, de baas van het Steppen,
krijgt van iedere stepper steeds meppen.
"Wat heb je gedaan?
Mijn slem naar de maan!"
Wij moeten die man eens herscheppen.